Archive for November, 2007

Een herschreven fragment uit ‘Mediaprofiel’

Tuesday, November 27th, 2007

Fragment herschreven in sms-taal, sinterklaasgedicht en formele taal.

Fragment:

Een wekker rinkelt. Geen ouderwetse met van die bellen. Het rinkelen is hier ook maar een verwijzing naar die echte bellen. Het is een telefoontje met een muziekje. Als je het mij vraagt is dit een prettigere manier van wakker worden.
’s Morgens gaat de televisie aan. Soms MTV, soms het journaal en soms een serie. Je gewoontes veranderen. Vroeger was het vooral de radio waar ik naar luisterde. Misschien omdat de televisie in mijn kamer is komen te staan. Ja dat zal het wel zijn.

Sms-taal
N wekker gaat.G1 echte bellen.Tis mn foon met muziek.Fijner wkkrworden.sMorgens tv aan.Diverse programmas.MTVnwsSerie.Vrgr vooral radio.TV nu in kamer,drom meer gebruik.

Sinterklaargedicht (Het is toch bijna zover)
In de verte hoor ik een wekker rinkelen,
Niet met van die bellen, maar een telefoon, waar ik muziek uit hoor klinken.
Dit is, voor zover ik het kan verzinnen,
de beste manier om je dag mee te beginnen.
‘s Morgen de televisie aan.
Soms het journaal, soms een serie en soms laat ik MTV gewoon gaan.
Nu meer tv, vroeger meer de radio,
Dat komt waarschijnlijk doordat mijn tv tegenwoordig in mijn kamer staat, ofzo.

Formele Taal
Er klinkt een wekker. Deze wekker is modern. Vroeger zaten er bellen op. Tegenwoordig gebruikt men telefoons met melodieën. De manier van wakker worden is hierdoor wel aangenamer.

‘s Morgens gaat de televisie aan. Wat er dan te zien is kan variëren. De ene keer is het MTV, een andere keer het journaal en af en toe staat er een serie op. Vroeger werd er door mijzelf vooral gebruik gemaakt van de radio. Tegenwoordig is het toch meer de televisie. Dit zal zijn omdat deze nu in dezelfde kamer staat als het bed. Dat zou het wel eens kunnen zijn.

Een Boeiuhnd Boek

Monday, November 19th, 2007

“Jongeren zappen, chatten en blowen zich suf. Ze lezen geen kranten meer, studeren te weinig en kijken nauwelijks nog naar het journaal.” Hiermee opent Rob Wijnberg (25) zijn pamflet ‘Boeiuh! Het stille protest van de jeugd’. Gedurfd, dacht ik, toen ik eraan begon.

De grote drie

Het pamflet is opgebouwd uit een proloog, drie betogen en een slot. Een mooie opbouw. De titels worden even uitgelegd. Boeiuh staat voor onverschilligheid, Chilluh voor een vorm van vrijetijdsbesteding, maar ook een levenshouding en Pimpuh voor het hedonisme en individualisme. De termen zijn mooi gekozen. Je hoort ze dagelijks uit de mond van ‘de jeugd’ komen. En wie kan daar mooier over schrijven dan een persoon die zelf tot deze doelgroep behoort?

Wat opvalt, is dat vooral de maatschappelijke kwesties van de afgelopen jaren worden behandeld. Wijnberg laat zien dat de massale drukte, die is ontstaan na de vreselijke ramp in New York, de jeugd nog maar nauwelijks bereikt. Een goede benadering, al vind ik de beschrijving soms lichtelijk overdreven. Dit neemt niet weg dat er wel degelijk een kern van waarheid inzit. De desinteresse bij de jeugd, die ontstaan is door een overload aan informatie, is de laatste jaren alleen maar gegroeid. Zo’n passieve houding kan juist goed zijn. De jeugd beschermt zichzelf als het ware tegen de foute invloeden van buitenaf.

Persoonlijk tintje

Om het pamflet een persoonlijke uitstraling te geven, heeft de schrijver ervan bedacht om er een stukje van zichzelf erin te plaatsen. Het is geschreven in de ik-vorm, waardoor je het bekijkt door zijn ogen. Dit leest heel prettig en je wordt, voor je gevoel, betrokken in zijn leven. Tussen de betogen door is er even een adempauze en kan men lezen wat de schrijver zoal bezighoudt. Een fijne afwisseling. Want zeg nou zelf, alle meningen, opmerkingen en artikelen over de politiek, Pim Fortuyn, Balkenende de zoveelste en de media hebben we al genoeg gehoord en gelezen.

Ik raad het boek zeer zeker aan. Zeker aan de oudere generatie die we vaak horen mopperen over de jeugd. Ze krijgen een kijkje in het hoofd de jeugd van tegenwoordig. Met de schrijver als vertegenwoordiger, die duidelijke punten maakt en in begrijpelijke taal verteld, zou dit pamflet misschien wel een hoop duidelijkheid kunnen geven. En misschien ook niet, maar dan heeft Rob Wijnberg toch in ieder geval erg goed zijn best gedaan.

boeiuh.jpg

Leren lezen, maar vooral schrijven…

Monday, November 19th, 2007

Ik kan mijn schrijflessen beter herinneren dan mijn leeslessen. Ik weet wel dat ik altijd moeite had met lezen. Ik las langzaam en bleef tot groep acht hangen in het CITO niveau 10 (op een schaal van 12 geloof ik).

Schrijven was een verhaal apart.

Groep drie. We beginnen met een test om te kijken of ik links of rechts ben. We krijgen kleine opdrachtjes. Een kraan open draaien, een bal pakken, doen alsof we met een kwast schilderen. Ik zie dat mijn klasgenoten allemaal een lintje om de hand krijgen die ze het meest gebruiken. Ik krijg ook een mooi lintje. We gaan aan een tafel zitten en we krijgen een potlood en een papiertje. Je moet je potlood in de hand houden waar je lint om heen zit. Ik vind dit niet lekker vasthouden en neem mijn andere hand. Mijn juf moedigt me aan om mijn andere hand te gebruiken, maar dit bevalt mij niet. Ik moet opnieuw de test doen uit het begin. Ik snap zelf niet zo goed waarom ik nog een keer de kraan open moeten doen, de bal moet pakken en de kwast vast moet houden, maar, braaf dat ik ben, doe ik keurig wat mij verteld wordt. Mijn lintje blijf aan diezelfde arm hangen. Ik kom goed mee in de les en leer ook best wel snel. Wel schrijf ik heel erg langzaam en mijn juf begrijpt dat niet zo goed. Na een paar weken krijg ik een extra schrijfles. Apart met de juf. Ik vind dat wel stoer. Samen met de juf alleen! Ik krijg kleine oefeningen en moet wisselen van hand. Al gauw ziet mijn juf dat ik met mijn linkerhand de oefeningen sneller onder knie heb dan met mijn rechterhand. Weer moet ik dat rondje doen van de test. Mijn juf denkt dat ik met twee handen werk, maar dat ik schrijven beter met links kan dan met rechts. Vanaf dat moment ben ik met links gaan schrijven en dit doe ik nog steeds. Ook doe ik nog steeds een hoop dingen met rechts. Schrijven kan ik ook met rechts, maar dit gaat langzaam. Het is, in tegenstelling tot veel anderen, wel leesbaar. Een bijzonder fenomeen.

Voyager Disc

Sunday, November 18th, 2007

Voor deze opdrachten moesten we een voyager disc ontwerpen. Er werd een onderwerp uit de westerse maatschappij gekozen en door middel van afbeeldingen ontstaat er een soort verhaaltje. Het moet begrepen worden door een primitieve Afrikaanse stam, dus taal gebruiken is absoluut geen optie.

Ik heb gekozen voor het ondewerp televisie.
Het is een erg belangrijk medium in Nederland en de westerse wereld. Nieuws, achtergronden, communicatie en entertainment, dat wordt allemaal via televisie gebracht.

Knippen en plakken

Friday, November 16th, 2007

In de werkgroep gingen we aan de slag met tijdschriften, een schaar en lijm. We moesten oefenen met beelden. Je moest een verhaal verzinnen en dit uitbeelden met afbeeldingen uit tijdschriften. Hierdoor werd je je bewust van het feit dat wat jij wil overbrengen, door een ander op een hele andere manier kan worden “gelezen”.

Hieronder het resultaat:
img_0588.png

PR

Wednesday, November 14th, 2007

Ik ben benoemd tot één van de leden van het PR-bureau. Als eerste moesten we een naam, subtitel en een ontwerp opleveren.

Het onderstaande plaatje heb ik ontworpen. Hier staan ook meteen de naam en de subtitel op.

headerblog.png

Waarom Sunblog?
Ik persoonlijk hou wel van een lekker zonnetje. Mensen worden er een stuk vriendelijker van en er ontstaat vaak een gesprekje wanneer men bijvoorbeeld in het zonnetje staat te wachten. Neem je dit in de breedste zin van het woord, dan kan er dus een discussie ontstaan in het zonnetje.
Een sunblock houd de gevaarlijke straling tegen van de zon. Een Sunblog zorgt voor een eerlijke discussie die niet te heet wordt.

Rubik’s Cube op de Gooische Brink, Hilversum

Sunday, November 11th, 2007

Een korte herhaling
Als plek hebben wij de Gooische Brink genomen. Ons gekozen issue is het individualisme. Dit hebben wij gekozen omdat de Gooische Brink meer een oversteekplaats is dan echt een gezellig plein. Wij wilden daar wat aan doen en mensen samenbrengen. Wij hebben de designstrategie Refresh genomen, omdat wij een extraatje aan het plein wilden toevoegen.

Na een paar brainstormsessies en wat onderzoek hebben we een aantal ideeën op een rijtje gezet. Het idee om een Kubus neer te zetten die vragen zou oproepen vonden wij het leukst. Wij konden hier meest mee. Als voorbeeld had ik een Rubik’s Cube in een foto gezet. Gewoon om een idee te krijgen hoe het eruit zou zien. Dit sloeg in als een bom en wij zijn hiermee aan de slag gegaan. Hieronder het resultaat.

Rubik’s Cube op de Gooische Brink in Hilversum

Er zijn 6 kleuren. Elk vlak is digitaal. Als een vlak wordt aangeraakt verandert deze van kleur. De kleuren komen in onwillekeurige volgorde naar voren.
Binnen een bepaalde tijd moet een vlak uit 1 kleur bestaan. Hiervoor zijn meerdere personen nodig omdat de kleuren niet lang blijven staan en overspringen naar een andere kleur. Het is een moeilijk en actief spel.
Als het gelukt is om een vlak 1 kleur te krijgen blijft het staan en kan met de resterende vlakken hetzelfde gedaan worden. Het is de bedoeling om de Rubik’s Kubus te maken zodat alle vlakken een andere kleur hebben.
Als alle vlakken uit 1 kleur bestaan zal de kubus fel oplichten.

Als er twee (of meer) vlakken zijn met dezelfde kleur, maakt dit op zich niet uit maar hij zal niet fel oplichten als hij klaar is.

visual.jpg
visual2.jpg
visual31.jpg

Media Profiel en Taal

Wednesday, November 7th, 2007

Profiel

Een wekker rinkelt. Geen ouderwetse met van die bellen. Het rinkelen is hier ook maar een verwijzing naar die echte bellen. Het is een telefoontje met een muziekje. Als je het mij vraagt is dit een prettigere manier van wakker worden.

‘s Morgens gaat de televisie aan. Soms MTV, soms het journaal en soms een serie. Je gewoontes veranderen. Vroeger was het vooral de radio waar ik naar luisterde. Misschien omdat de televisie in mijn kamer is komen te staan. Ja dat zal het wel zijn.

De reis naar school gaat gepaard met korte gesprekjes met een vriendin. Soms neem ik de gratis krantjes even met haar door die ik toevallig vind. Reis ik alleen, dan vermaak ik mijzelf met mijn iPod waar mijn muziek verzameling uit knalt.

Op school luister ik naar de docent, brainstorm ik in een groepje over een opdracht of zitten ik de tussenuren uit. De laptop speelt een centrale rol in dit geheel.

Ik denk dat over het algemeen mijn laptop een grote rol speel in mijn dagelijks leven. Wat is het eerste wat ik aanzet bij thuiskomst? Juist, mijn laptop. Vaak op de achtergrond staat er muziek op. Waar dit vandaan komt kan verschillen. TV met een muziekzender of mijn ‘grote’ computer waar ik mijn muziek op heb staan.

‘s Avonds is het vooral de televisie waar ik naar kijk. Een serie, documentaire, het nieuws, soms een vreselijke soap. En soms, heel soms, dan lees ik ineens een boek. Alleen, vaak kom ik niet verder dan een paar pagina’s.

En als afsluiter, waar we ook mee begonnen, wordt de bekende telefoon ingezet als wekker. Sommige dingen zullen wel altijd blijven.

Taal

Taal is als een kabbelende beek met woorden.

Schrijven is als een dam bouwen in deze beek. Je stuurt de taal een bepaalde richting op.

Spreken is gebruik maken van de kennis, opgedaan uit de kabbelende beek.

Luisteren naar de verschillende geluiden van de kabbelende beek.

Lezen is kijken naar de route die de kabbelende beek aflegd.